Bron: https://www.ed.nl/asml/asml-ers-leren-nederlands-zelfs-mijn-eindhovense-vriend-begint-vaak-in-het-engels~a9386e2a/

VELDHOVEN - Een Duitser, een Indiase en een Mexicaan; drie werknemers van ASML voeren een gesprek in het Nederlands. Zij volgen afzonderlijk van elkaar cursussen om naast hun moedertaal en het Engels ook de taal te leren van het land waarin ze wonen.

Ook al is de voertaal bij ASML Engels, grapjes en nieuwtjes worden nog steeds vaak in het Nederlands uitgewisseld. Het is één van de redenen waarom een kwart van de buitenlandse werknemers van ASML probeert Nederlands te leren. Een Duitser als Frederik Lachmann gaat dat makkelijk af. „Onze talen liggen dicht bij elkaar, net als onze landen.” Moeilijker is het voor Tanvi Nautiyal uit India, wiens moedertaal Hindi niet in de verste verte op Nederlands lijkt. „Mijn geluk is dat ik in mijn opvoeding Engels als tweede taal kreeg. Van daaruit naar het Nederlands is te doen.” De Mexicaan Emilio Bajonero vindt het Nederlands een taaie taal. „Het lijkt wel op mijn moedertaal Spaans, maar door de vele uitzonderingen is het moeilijk te leren.”

Nederlanders grootste obstakel

Dat de Nederlanders zelf het grootste obstakel vormen bij het in de praktijk brengen van de taal herkennen ze alledrie. „Waar ik ook kom, in de kroeg of in de supermarkt. Als ik een gesprek in het Nederlands begin krijg ik bijna altijd een antwoord in het Engels”. zegt Emilio. En Tanvi: „Ik zeg dan altijd dat ik het leuk zou vinden als ze Nederlands tegen me praten. Desnoods met Engelse woorden er tussendoor. Maar zelfs mijn Nederlandse vriend begint vaak in het Engels.”

Tanvi Nautiyal (24) Indiase

„Mijn tante woont al 19 jaar in Valkenswaard en daardoor kwam ik vier jaar geleden naar Nederland om in Amsterdam Economie te studeren. Ik heb eerst twee jaar bij ASML gewerkt via een traineeship en sinds een jaar werk ik als belastingspecialist op de afdeling Financiën. Ik woon in Eindhoven met een huisgenoot en met hem spreek ik Nederlands. Of ik hier mijn verdere toekomst opbouw weet ik nog niet. Nu ben ik heel blij hier, het leven is hier goed, ook met mijn Nederlandse vriend. Ook hebben we veel vrienden hier en in Amsterdam. Maar of ik hier de rest van mijn leven blijf?”

Dat de drie ieder hun draai in deze regio hebben gevonden is de hoofdreden, dat ze ook de taal willen leren. Met zijn drieën zitten ze in de ASML Plaza aan tafel om hun verhaal te vertellen. In het Engels zou het sneller gaan, maar ze spreken Nederlands. Ze luisteren goed, verbeteren elkaar en zijn gretig om van elkaar te leren.

‘Ik snapte weinig van chipmachines’

Frederik vertelt dat hij ruim twee jaar geleden met zijn toenmalige vriendin besloot in het buitenland te blijven. „Een vriend werkte al bij ASML en was erg enthousiast. Toen ik solliciteerde snapte ik nog weinig van chipmachines. Toch ging het sollicitatiegesprek hier niet over, maar over mijzelf als persoon. Waar liggen mijn interesses en hoe wil ik graag werken. Dat had ik bij een sollicitatiegesprek nog nooit meegemaakt en ik vond het echt super.”

Emilio Bajonero (27) Mexicaan

„Ik kwam vijf jaar geleden Thermodynamica studeren aan de Technische Universiteit in Eindhoven. Nu pas ik die kennis toe in de chipmachines van ASML. Mijn oudere broer heeft het pad naar Eindhoven voor me geëffend. In het begin woonde ik bij hem, maar dat matchte niet zo goed met mijn studentenleven. We hebben nu een goede relatie hoor. Inmiddels heb ik een Oekraïense vriendin en raar genoeg vind ik haar cultuur veel op die van Mexico lijken. Allebei conservatief en met veel ruimte voor familie. Maar we bouwen hier een leven op en dan moet je de taal kennen.”

Tanvi kwam binnen bij ASML als stagiaire en ze was meteen enthousiast. „Ik had geen idee wat ASML is, nog nooit van gehoord. Maar toen ik hier stage liep vond ik meteen: wow, wat een cool bedrijf. Hier maken we machines voor chips die bijdragen aan een beter milieu. Daar wil ik wel voor werken.”

‘Oudere broer overtuigde me’

Emilio kwam vijf jaar geleden naar Eindhoven om bij de TU/e te studeren. „Toen ik twee jaar geleden afstudeerde wilde ik eigenlijk niet in Nederland blijven. Maar mijn oudere broer, die ook bij ASML werkt, overtuigde me te solliciteren. Toen ik werd aangenomen besloot ik hier dan ook mijn toekomst te bouwen. Daar hoort het Nederlands bij. Ik wil niet op mijn veertigste nog moeten vragen Engels tegen me te spreken.”

Frederik Lachmann (31) Duitser

„Ik heb in Hamburg gestudeerd en mijn Master bij TU Delft gehaald. Daarna heb ik korte tijd gewerkt bij een biomedisch bedrijf. Bij ASML werk ik nu twee jaar als integratie ingenieur van een deel van de chipmachine. Het is mijn werk om de brug te zijn tussen ons kantoor in Wilton in de VS en ons hoofdkantoor hier in Veldhoven. Ik woon in Eindhoven, heb hier ook vrienden en ik vind het hier een goede plek om te wonen. Ik wil goed integreren en de taal is een groot deel van de cultuur, die te leren is het minste dat ik kan doen. Er zijn niet zoveel Duitsers bij ASML en we zoeken elkaar nauwelijks op, maar niet ver hier vandaan is de voertaal Duits.”

Ook Tanvi vindt het niet meer dan normaal dat ze Nederlands spreekt. „Nederlanders doen moeite Engels te spreken, dan moet je zelf moeite willen doen om Nederlands te leren. Het verschil tussen het Hindi en het Nederlands vind je terug in de karakters van de mensen. In Noord-India, waar ik vandaan kom, zijn mensen voorzichtig en indirect als ze iets vertellen en hier juist heel direct. Dat vind je terug in allebei de talen. Je kunt de cultuur van mensen dus beter begrijpen als je hun taal kent.”

Steeds een stap hoger komen

Tanvi is redelijk ambitieus als het gaat om haar studie Nederlands. „Ik vind het leuk om te leren en een uitdaging om steeds een stap hoger te komen. Ik volg iedere week de les en ik hoop komende zomer voor het staatsexamen NT2 (Nederlands als tweede taal, red.) te slagen. Daarna wil ik weer een vervolgstudie, want klaar ben je nooit.”

Nieuws

ASML’ers leren Nederlands

Lees meer...